Dit wil ik even kwijt…

Nog nooit greep de stress mij zo naar de keel als nu. Nog een paar weken en dan verschijnt mijn roman: Hou me vast zoals ik was.

Nog nooit schreef ik een boek dat zo dichtbij mij stond, nog nooit eerder heb ik een boek eigenlijk niet willen schrijven, nog nooit eerder had ik het hele verhaal willen veranderen in een happy end. Nog nooit eerder ben ik zo bang geweest voor kritiek op een boek. En toch gaat het er komen. Sterker nog, het gaat nu naar de drukker.

Het is mijn eerste boek dat uit gaat komen bij deze grote uitgever: Boekerij. Naast dat ik gewoon echt trots ben dat ik een aantal boeken voor ze mag schrijven, ben ik geraakt door het vertrouwen in mij en mijn boeken. Eigenlijk zou ik dit boek helemaal niet geschreven hebben, maar zou Hemelse Modder als eerste moeten verschijnen. Ik had er zin in. En toen kwam dat moment tijdens mijn huwelijksreis waarop ik een appje kreeg van een lieve vriendin. Ze vroeg wanneer ik terug was, dat ze wilde praten. Ik voelde iets geks in mijn buik, een zorgelijk gevoel. Ik vroeg haar of ik kon bellen met haar. Ze wimpelde me weg. Ze wilde niet storen tijdens mijn huwelijksreis. Ik liet het er niet bij zitten en appte naar een gemeenschappelijke vriendin en vroeg haar recht voor de raap of er iets met onze vriendin aan de hand was. Onze vriendin die vier jaar eerder de diagnose borstkanker had gekregen, net na de bevalling van haar zoontje. Ze verloor haar borst, ze onderging chemo en bestraling en ze vocht. Ze vocht tegen de wanhoop en de onzekerheid en het gebrek aan energie. Ze vocht tegen de angst. Deze gemeenschappelijke vriendin Karin kon het me niet vertellen, ja, een stukje van het verhaal en wat voelde ik bij haar die worsteling. Ze wilde mij het nieuws niet brengen…het nieuws wat ik uiteindelijk toch die avond nog te horen kreeg uit de mond van mijn vriendin. Ze wilde mijn reis niet verpesten….zo was ze. Altijd begaan met een ander. We hebben gehuild aan de telefoon en de woorden: ik ga nu niet meer beter worden, hoor ik nog steeds in mijn hoofd. Ik weet niet waarom maar ik heb haar gevraagd of ik haar verhaal mocht opschrijven. Ze vond het bijzonder en speciaal. Ik appte naar mijn uitgever: mijn vriendin is ziek, ik moet voor haar een boek gaan schrijven.

Mijn uitgever appte terug, ze wenste me veel sterkte en zei: ga dat boek maar schrijven. Het contract is naar je onderweg.

En zo gebeurde dat. Geen synopsis, niks. Puur op gevoel en vertrouwen.

Ik begon te schrijven, nam contact op met de vriendinnen van mijn zieke vriendin. Ze wilden allemaal een plekje in het boek. Voor mijn vriendin verzonnen we een andere naam: Jasmijn! Ze moest er zelf even van fronsen. Ik schreef en schreef. Zij overleed. Te snel, te jong. Wat had ik gehoopt dat ze nog meer tijd had gehad. Twee maanden na haar overlijden was mijn boek af. Het heeft me uitgeput. Ik liet haar sterven in mijn boek. Ik sloot me af voor al die emoties rondom dat gedeelte, bij andere stukken heb ik gehuild. Ik deelde dit boek met 6 prachtige vrouwen, ze lazen mee en huilden mee. Later, toen we aan de redactie begonnen, begon het boek pijn te doen, ik ging overal nog een keer doorheen. Maar dat was niks in vergelijking waarin mijn vriendin doorheen is gegaan.

Wat ik wil met dit boek? Laten zien dat borstkanker iedereen kan overkomen (sterker nog, 1 op de 7 vrouwen krijgt er mee te maken), laten zien dat wanneer je “beter” bent, dit nog steeds niet bent. De kanker kan weg zijn, maar je lichaam en geest leveren nog dagelijks strijd. Ook wil ik laten zien hoe mooi ze was, hoe lief en dapper! (snap je waarom ik bang ben voor de recensies, ik hoop dat iedereen van haar gaat houden en dat er geen recensie komt met: de hoofdpersoon sprak me niet aan. En toch zal en kan dat gebeuren. En daar moet ik mee op leren gaan). Daarnaast laat het boek zien hoe belangrijk steun en liefde vanuit familie en vrienden is. Mijn vriendin was omringd met liefde!

Ik heb veel steun gehad aan Roselinde van de redactie van Boekerij. Wat ben ik haar dankbaar voor haar kundigheid, maar ook vooral begrip en warmte. Maar ook de aanmoedigingen van de vriendinnen van “Jasmijn”, steeds wanneer ik twijfelde of ik er wel goed aan deed om dit boek te schrijven. Ook mijn eigen vriendinnen zeiden me door te gaan: je schrijft een boek wat hoop zal geven, troost zal bieden, zal helpen met de rouwverwerking. Je laat haar verder leven in een prachtig eerbetoon. Ik hoop het zo.

Irene Moors leefde met mij mee, ze appte me, mailde me en las het boek. Ook dat liet me niet onberoerd. Zo bijzonder.

Ook bijzonder was de reactie van de Business Club Lounge van het Philips Stadion in Eindhoven. Ze sponsoren de ruimte en een paar drankjes voor iedereen die naar de boeklancering komt op 13 september (19:00 uur). Zo lief! Daarnaast schreef Dave Marriner een speciaal lied voor bij dit boek en ook daar ben ik dankbaar voor! Te beluisteren via https://www.youtube.com/watch?v=tXgSSil9P8Y

De uitgeverij en ik dragen een gedeelte van de royalties op aan de Troostkoffers https://www.mmc.nl/oncologie/troostkoffer/ van het Máxima Oncologisch Centrum. Hopelijk worden er veel boeken verkocht en kunnen kinderen waarvan de vader of moeder ziek is, steun en troost krijgen vanuit de koffertjes. Ik ben de uitgeverij ook dankbaar dat zij dit doen.

Het boek zal vanaf september in veel winkels te vinden zijn en daar ben ik natuurlijk ook trots op. Toch worstel ik daar zelf mee. Ja, het is een doorbraak voor mij als auteur en daarvan heb ik altijd gedroomd…maar zoals ik al zei: ik had dit boek liever niet geschreven.

Toch, wanneer ik dit nu schrijf, hoor ik de stem van mijn vriendin in mijn achterhoofd. Ze zou zeggen dat het goed is, dat ze trots is. Ze zou zeggen dat ze erbij had willen zijn, 13 september, bij haar lievelingsclub PSV. Ze wist hoe ze een feestje moest organiseren, altijd alles perfect geregeld. Ze is erbij, ik weet het zeker, op haar manier, waar dan ook….

Zo, dat moest ik even kwijt.

Reacties (3)

  1. Niels van der Wijst 19 juli 2019 op 14:00

    Prachtig Gaby! Wat zal deze ervaring jou en je vriendinnen verrijkt hebben en gaan verrijken. Heel bijzonder!

  2. Jos van Gerven 31 juli 2019 op 14:32

    Ik ben er stil van! Chapeau!!

Reageer

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Velden met * zijn verplicht.